|
|
|
Home > Cultuur > Huisvlijt... Javaanse gebruiksvoorwerpen |
|
|
|
Hoofdmenu
|
Boeken
verkrijgbaar bij KITLV Leiden
|
Huisvlijt... Javanen zijn bijzonder creatief en inventief. Bij aankomst hadden de contractarbeiders niet veel bij zich. Keukengerei konden zij ook niet kopen. Maar de natuur is grootleverancier van allerlei producten waar een dessa bewoner behoefte aan hadden. Van kokosdop maakt men siwur (waterschepper). Als grondstof voor verschillende gebruiksvoorwerpen is hout basismateriaal. Lepelvarianten werden ervan gemaakt, zoals de éntong en solèt. Muntu is vijzel van hout. Tlenan is de houten snijplank die nu in de moderne Europese keuken ook te vinden is. De alu is een houten stamper, die in combinatie met de lesung (stampblok) er voor zorgt dat de padi tot rijst wordt gestampt. Bamboe is de grondstof voor allerlei vlechtwerken, zoals de kukusan (stoommand voor rijst). De manden ténggok (groot) en ceting (klein), de tampah (wan), de tipas (waaier) en de capil (zonnehoed) zijn prima bamboe-producten voor dagelijks gebruik. De pilaren van de gapura (poort), die gemaakt wordt als er een feest is, is van bamboe alsook de versieringen ervan. Bamboe werd ook gebruikt voor de huizenbouw. Het snijmes dat de calak (iemand die de besnijdenis uitvoert) heet wilat, is ook van bamboe. De cocospalm levert naast de eerdergenoemde siwur ook sapu (bezem) en de sunduk (saté stokjes). Rietsoorten (méndong, pandan en lingi) zijn er in overvloed in Suriname en de Javanen maken er dankbaar gebruik van. Daar maken zij matten van, de zogenaamde klasa. Vroeger waren deze producten gemaakt voor eigen gebruik. Tegenwoordig heeft haast elk gezin westerse lepels, vorken, stoompotten enzovoorts. En is de productie thans bedoeld voor de verkoop, meestal aan toeristen. Familieleden die in Nederland wonen en in Suriname op vakantie zijn, nemen haast altijd iets van dergelijke producten mee naar Nederland. De hang naar de roots en de nieuwsgierigheid of interesse naar de tijden van onze voorouders is heel groot. Gelukkig maar... |