
|
|
|
|
SURINAAMS JAVAANS HET ONTSTAAN |
|
Inleiding |
banyu mili
gesang kuwi tindak terus |
|
|
|
|
|
|
Migranten namen hun taal mee naar Suriname Met de migratie van onze voorouders is het Javaans van Indonesië in Suriname terechtgekomen. Echter, de migranten kwamen uit verschillende gebieden van Indonesië die hun eigen dialectische varianten kennen. Onder de immigranten waren Javanen uit Midden-Java, Soendanezen (West-Java), Madoerezen van het eiland Madoera en Javanen uit Oost-Java. In de beginjaren van de aanwezigheid van de immigranten in Suriname heeft de eerste mengeling plaatsgevonden van die verschillende lokale dialecten uit Indonesië. Later, toen de Javanen in contact kwamen met andere bevolkingsgroepen, namen ze enkele veel gebruikte woorden over, zoals het woord gwenti en moro uit het Sranan tongo (het Surinaams) en bijvoorbeeld jaji (van jahaji, dit betekent 'scheepsgenoot') uit het Sarnami, de Surinaamse variant van het Hindi van India. In de taalkunde noemt men zulke woorden leenwoorden. Het Javaans in Suriname stond en staat voortdurend onder invloed van de omringende talen. De Javanen in het district Nickerie staan voortdurend in contact met de Guyanezen. Het (Surinaams) Nederlands en het Sranan tongo beïnvloeden continue het Surinaams Javaans. Javaanse kinderen zijn meestal drietalig opgevoed. Ook het Nederlands in Nederland is groot leverancier van leenwoorden. Bijvoorbeeld in de volgende zin: Sésuk aku arep nang Amsterdam karo trein (Morgen ga ik met de trein naar Amsterdam). Zo ongeveer is de ontwikkeling van het Javaans in Suriname (en Nederland). |
|
|
|
|
|
|
Goed nieuws uit Suriname
|
Presentatie
Surinaams Javaans-Nederlands
woordenboek Terugblik op een memorabele dag
Op
vrijdag 20 april 2001 heeft de
presentatie
van het Surinaams Javaans - Nederlands woordenboek plaatsgevonden.
Het is uitgegeven door het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en
Volkenkunde (KITLV) in Leiden. De presentatie gebeurde in het
Faciliteitengebouw van de Universiteit Leiden. Een van de sprekers
was Reinier Kromopawiro op uitnodiging van dr. Rosemarijn Hoefte van
het KITLV. Hij kreeg op die dag symbolisch het eerste gedrukte
exemplaar overhandigd van Hein Vruggink, de samensteller van het
unieke woordenboek. De mede-samensteller is Johan Sarmo uit
Suriname.
●
Lees meer...
Surinaams Javaans-Nederlands woordenboek
Surinaams Javaans-Nederlands woordenboek |
|
|
|
Het Surinaams Javaans is op twee na de grootste nationale taal van Suriname
Het Surinaams Javaans wordt meer gesproken in
huiselijke kringen. Als dagelijkse omgangstaal in de huiselijke sfeer
heeft het zich redelijk kunnen handhaven. De tijd brak aan dat de jongeren (de derde generatie) de stad ontdekten en de landbouw van hun ouders in de dorpen achter zich lieten. Dat was ongeveer vlak na de Tweede Wereldoorlog. Het begin van de taalbeïnvloeding en taalintegratie kondigde zich aan. Dit werd geuit in veelvuldig code-switching, het voortdurend omschakelen van de ene taal in een andere taal tijdens een conversatie. In sociale contacten werd het Javaans gebruikt en gelardeerd met leenwoorden uit vooral het Sranan tongo tot onvrede van vele ouderen. Het Javaans werd thuis dan ook minder gesproken. Vaak nam het gebruik van het Sranan tongo de overhand. De situatie nu is de verdere ontwikkeling van de taalbeïnvloeding en taalintegratie. De positie van het Surinaams Javaans wordt verder in het nauw gedreven. In de stad bij de meer ontwikkelden spreken de Javanen veelal het Nederlands. En bij de minder ontwikkelden bedienen zich van het Sranan tongo. In sociale contacten wordt dit onderscheid niet gemaakt. Het Surinaams Javaans wordt gesproken tijdens officiële gelegenheden en in eigen kring. Bijvoorbeeld bij huwelijksplechtigheden. En natuurlijk bij de uitzendingen van de Javaanse omroepstations. Voor de ouderen in het formeel en voor de jongeren in het informeel Javaans. Bij wayang voorstellingen wordt nog steeds het Javaans gehanteerd. Ook hier hoort men zo nu en dan woorden uit het Sranan tongo. Bij ludrug voorstellingen, die nu ook bijna aan het verdwijnen is, is het bijna half om half. Er is nauwelijks sprake van enigerlei ontwikkeling van het Javaans als schrijftaal. Gezien de te late introductie van de officiële spelling heeft elk individu een eigen schrijfwijze. Gelukkig is er nu verandering in gekomen. Maar door de gebrekkige verspreiding weet eigenlijk nog maar heel weinig Javanen die het Javaans volgens de officiële spelling schrijven. Het tijdschrift Cikal deed verwoede pogingen om dit te verhelpen. Maar hier is men ook niet in geslaagd de officiële spelling, ook weer door de gebrekkige verspreiding, goed van de grond te krijgen. Gezien de weinige belangstelling van de jongeren voor de eigen taal zal de officiële spelling van het Surinaams Javaans een doodgeboren kind blijven. Surinaams Javaans is de taal die wordt gesproken door de Surinamers van Javaanse afkomst. Hun aantal wordt geschat op negentigduizend, waarvan er zestigduizend in Suriname en dertigduizend in Nederland woonachtig zijn. Het grootste deel van hen spreekt in meerdere of mindere mate de Surinaamse variant van het Javaans dat op Java (Indonesië): het Surinaams Javaans(SJ). Javaanse Surinamers zijn nakomelingen van de ruim 33.000 mensen die tussen 1890 en 1939 van Java naar Suriname zijn verscheept en daar op de plantages te werk gesteld werden als vervanging van de slaven. De slavernij in Suriname werd in 1863 afgeschaft. Om de productie op de plantages te kunnen voortzetten werd naar alternatieve arbeidskrachten gezocht die gevonden werd in contractarbeiders uit Azië. Als men zegt dat het Javaans door Javaanse contractarbeiders naar Suriname meegenomen is, moet men in het oog houden dat er etnisch, geografisch, sociaal en taalkundig de nodige verscheidenheid was. Onder de contractarbeiders waren ook niet-Javaanstaligen die in het begin ook hun eigen taal hebben (Sundanees, Madurees en Maleis). Hoe de communicatie verloopt tussen de Javaanstaligen en de niet-Javaanstaligen in de beginperiode is niet bekend. Er is weinig bekend over die begintijd. Het is in ieder geval zo dat het Surinaams Javaans een ontwikkeling is, in Suriname, van meer dan honderd jaar. Suriname is een land waarin door een groot deel van de bevolking dagelijks drie talen naast en door elkaar worden gebruikt: Nederlands als officiële taal, Sranan als contacttaal tussen verschillende bevolkingsgroepen (Creolen, Hindostanen, Javanen) en de talen van deze bevolkingsgroepen (met name het Sarnami, Sranan en het Surinaams Javaans). Deze talen beïnvloeden elkaar wederzijds sterk. Bij het Surinaams Javaans komt dit vooral tot uiting in het veelvuldig gebruik van leenwoorden uit het (Surinaams) Nederlands en het Sranan. Opvallend is dat Indonesische leenwoorden vaak in formele situaties worden gebruikt; in de dagelijkse omgangstaal hoort men ze veel minder. |
|
|