
|
|
|
|
DIT IS
MIJN VERHAAL... SANA BUDAYA PARAMARIBO |
|
|
|
|
|
|
Herdenking 100 Jaar Javaanse Immigratie en de bijdrage van de Indonesische Ambassade Een keerpunt in mijn leven... Na 23 jaar in een andere wereld te hebben vertoefd, maakte ik opnieuw kennis met mijn eigen Javaanse taal en cultuur. Deze heb ik 23 jaar geleden verlaten, zoniet in de steek gelaten om de geneugten van de andere wereld te proeven. Ik was in Suriname voor vakantie op een heel gelukkig moment. Dat heb ik vanaf het begin niet onbenut gelaten. Ik bezocht oude Javaanse dorpen, ontmoette oude vrienden en andere dorpsbewoners, maar was ik vooral heel gelukkig om weer onder mijn eigen vakantie te zijn.
|
|
|
|
|
Woord van dank |
|
|
|
|
Atas nama Masyarakat
Suriname Keturunan Jawa, webmasternya situsweb BanyuMili dan saya sendiri
Reinier Kromopawiro ingin menguncapkan banyak
terima kasih kepada Kedutaan Besar Republik Indonesia di Paramaribo.
Bapak Kuasa Usaha R. Utoyo Sutoto |
|
|
|
|
|
Enorme
economische en culturele bijdrage |
|
|
|
|
De ambassadeurs van de Republiek Indonesië in Paramaribo,
Suriname. Bapak R. Utoyo Sutoto was Gevolmactigd Minister bij de opening van de Indonesische Ambassade in Paramaribo sinds 1975 bij de onafhankelijkheid van Suriname. Sinds augustus 1951 heeft Indonesië een vertegenwoordiging in Suriname. 1951-1958 was er een Consulaat in Paramaribo. 1958-1964 Vanwege de koele betrekkingen tussen Nederland en Indonesië werd het Consulaat gesloten. In 1964 werd het Consulaat heropend. En sinds 1975 is de Indonesische Amabassade gevestigd in Paramaribo. |
Gevolmachtigd Minister en Ambassadeurs van de
Indonesische Republiek in Paramaribo |
|
|
|
|
|
|
|
|
1990... Een jaar vol verrassende activiteiten en mooie belevenissen |
|
Bericht uit het Gastenboek
van BanyuMili van
Pak Reinier, |
Ik was in 1990 een aantal maanden de lurah (dorpshoofd) van Sana Budaya in Paramaribo. Sana Budaya is thans een bedrijvig Javaans cultureel centrum in Paramaribo waar niet alleen de nazaten van de Javaanse contractarbeiders welkom zijn. In dat jaar heb ik ook Tutty ontmoet. Bij de Indonesische Ambassade. Zij heeft de website BanyuMili bezocht en een bericht (zie hiernaast) in het Gastenboek achtergelaten. Mijn belevenissen waren talrijk... hieronder een kleine selectie. Het daadwerkelijke begin was
in 1990 bij 100 jaar Javaanse Immigratie en ik was erbij. De Verklaring
van Vereniging Herdenking Javaanse Immigratie (VHJI) luidt als
volgt: December 1989... Na lange tijd kwam ik weer op Zanderij aan. Na jaren hard gewerkt te hebben, besloot ik eens een poosje in Suriname te verblijven. Van de voorgenomen twee maanden werd het een vol jaar. Het gedenkwaardige jaar 1990 (110 jaar Javaanse Immigratie en de onthulling van het monument van de Javaanse contractarbeiders) werd mijn jaar in Sana Budaya. Het cultureel centrum (toen nog in wording) van de nazaten van de Javaanse contractarbeiders. Het was elke dag keihard werken en wel van maart tot en met september. Het was een mooi vakantiewerkjaar... om nooit te vergeten. De dag na mijn aankomst... Ik ging snel mijn vriend Soekie Irodikromo opzoeken. Die heb ik ook in geen jaren gezien en gesproken. Het was een leuk en emotioneel weerzien. Jaren hebben wij in Rotterdam samen lief en leed gedeeld. Hij vertelde mij over de activiteiten die op touw gezet zouden worden in verband met 100 jaar Javaanse Immigratie. Of ik daaraan mee wilde helpen. Voor dit soort zaken ben ik altijd stand-by. En mijn toezegging werd al gauw gewaardeerd. Monument Javaanse Immigratie... Soekie nam mij meteen mee om een kijkje te nemen. Wat ik op Maretraite aantrof was een stuk drassig en modderig stuk land. Er stond ook nog iets in de steigers. Ik kon het niet thuisbrengen wat het precies was. Het was al donker en was er daar ook nog geen verlichting. Na uitleg van Soekie bleek het monument van de Javaanse Immigratie in aanbouw te zijn. Mijn hart klopte hevig! Kennismaking met het bestuur van VHJI... Ik werd voorgesteld aan de bestuursleden van de Vereniging Herdenking Javaanse Immigratie (VHJI), waar de heer Bob Saridin toen voorzitter van was. Ze waren bijzonder gecharmeerd van mijn bereidwilligheid bijdrage te leveren aan het realiseren van het complex en aan de voorbereiding en uitvoering van de festiviteiten. Kennismaking met Javaanse
kunstenaars... Een belangrijk onderdeel van de
festiviteiten was een grote expositie van Javaanse beeldende
kunstenaars. Ook met hen heb ik uitvoerig kennisgemaakt en het plan
bedacht voor de inrichting van de expositie. Het bloed kruipt waar het
niet gaan kan... ik heb namelijk ook aan dezelfde Academie van Beeldende
Kunsten te Rotterdam gezeten als de nu zeer bekende en gewaardeerde
kunstenaar Soekie Irodikromo. De voorbereidingswerkzaamheden waren niet mis... Van het met een kruiwagen sjouwen van zand om het drassige grond op te hogen en te egaliseren tot aan het metselen van het monument in de snikhete zon. In weer en wind en tot diep in de nacht werd er dagelijks gewerkt om het officiële monument klaar te krijgen. Een andere ploeg werkte ook constant aan het paviljoen waar de festiviteiten zouden plaatsvinden. Het is te omvangrijk om alles precies te specificeren. Maar wij waren in ieder geval dag en nacht bezig geweest. Soms sliepen wij bij het monument onder de blote hemel. Toen het gebouw waar de festiviteiten zouden plaatsvinden klaar was, werd dat ons dagelijkse onderkomen. Een paar dagen in de rimboe... Als onderdeel van de werkzaamheden was het bezoek aan een Indianen dorp waar niet ver daarvandaan door de bewoners hout werd gekapt voor houtvoorziening (planken) van Sana Budaya. Nachten heb ik op een stuk plank - die net zo breed was als mijn eigen lichaam - in de openlucht geslapen. Ver weg van alle luxe en de gerieven van de natuur trotserend en waarderend. Indiaans brood heb ik daar leren bakken. Jonge Indiaanse dames leerden ons hoe te leven midden in de natuur en te leven van wat de natuur de mens voorschotelt. 's Avonds was er kampvuur en maakten de Indianen 'pepre patu' voor ons klaar. Soekie sliep wel in een tent, anderen in een hangmat gespannen tussen twee bomen. Baden deden wij in het stromende water - banyumili - van de kreek. En dezelfde kreek voorzag ons van voldoende vis. Wat een ervaring, wat een leven en wat een belevenis! 9 augustus 1990... De dag van de onthulling van het monument... Tot de laatste seconde toe stond ik bij het monument om wat kleine oneffenheden glad te strijken. De vlaggen wapperden mooi tegen de strakke blauwe lucht. Maar het doek dat er over het monument heen was gedrapeerd werd telkens door de uitbundige passaatwind uit zijn positie gehaald. De toenmalige president Shankar zou daardoor - als er niet steeds door mij werd ingegrepen - voor niets zijn gekomen en zou de wind het werk voor hem hebben gedaan. Na de onthulling vloog ik naar het paviljoen om daar de hoge gasten te ontvangen. De setting van de stoelen heb ik die ochtend nog zowat in mijn eentje in orde gemaakt. Vier weken lang festiviteiten... Tijdens de festiviteiten was ik de lurah (dorpshoofd) en aanspreekpunt van de bezoekers. Mijn andere werkzaamheden variëren van het gratis uitdelen van siroop aan kinderen tot aan het verkopen van bier, saoto of bami in de cateringtent. Nogmaals, mijn werkzaamheden waren zo divers en te omvangrijk om hier alles precies op te noemen. Ik kan zeggen dat in 1990 bloed, zweet en tranen gevloeid hebben in Paramaribo. BanyuMili - in de vorm van mijn persoon - heeft de mouwen gestroopt en als rasechte Rotterdammer (of beter gezegd rasechte Javaan) mijn bijdrage geleverd. Niemand uit Nederland heeft zich in 1990 zo letterlijk in de modder geploeterd en als bezetene in de felle zon gewerkt als de webmaster, editor en eigenaar van deze website. Mijn lijfspreuk 'BanyuMili... de drager van mijn liefde voor de Javaanse taal en cultuur' is letterlijk ontsproten uit de grond van Sana Budaya in Paramaribo en die ik tot op de dag van vandaag blijf uitdragen en dat ik het zal blijven doen net zolang mijn capaciteiten mij daartoe in staat stellen. |